Wanneer heeft een bijzetslot zin?
Een bijzetslot is een tweede slot op dezelfde deur. Het loont vooral bij deuren die maar op één punt vastzitten: een oudere houten voordeur, een achterdeur, de deur van een garage of berging. De deur zit dan op twee hoogtes vast in plaats van één. Wrikken wordt een stuk moeilijker.
Het is ook een goede tussenstap als het hoofdslot oud is, maar u nog niet aan een nieuw slot toe bent. Heeft uw deur al een meerpuntsluiting, dan voegt een bijzetslot weinig toe.
Oplegslot of ingebouwd?
Er zijn twee manieren om een bijzetslot te plaatsen.
- Oplegslot. Het slot zit in een kast aan de binnenkant van de deur, de sluitkom op het kader. Er hoeft geen uitsparing in de deur, dus een dunne deur wordt niet verzwakt. Bij deuren dunner dan ongeveer 4 cm is dit de beste keuze. Het nadeel: u ziet het slot aan de binnenkant.
- Ingebouwd (insteek) bijzetslot. Het slot zit in de deur, net als het hoofdslot. Netter afgewerkt, maar de deur moet dik genoeg zijn. Het werkt met een gewone profielcilinder, wat handig is als u één sleutel wilt.
Een penslot is een apart soort bijzetslot: er schuiven pennen in het kader in plaats van één schoot. De meeste penslots werken aan beide kanten met een sleutel, ook binnen. Lees daarom zeker het stuk over brand hieronder.
Waar plaatst u het?
Niet vlak naast het hoofdslot. Het idee is dat de deur op een tweede hoogte vastzit, zodat een inbreker de deur niet boven of onder kan openbuigen. Meestal komt het bijzetslot ruim onder het hoofdslot, ongeveer op kniehoogte, of ruim erboven. Er bestaat geen vaste regel: het hangt af van de deur, de panelen en waar het kader het stevigst is.
Zit er glas in of naast de deur? Plaats een slot met draaiknop dan zo dat niemand er na het inslaan van een ruitje bij kan.
Twee sloten, één sleutel
Niemand wil een tweede sleutel aan zijn bos. Dat hoeft ook niet. Werken beide sloten met een profielcilinder, dan plaatsen we twee gelijksluitende cilinders: één sleutel opent dan beide. Dat kan ook voor de achterdeur en de garage. Hoe dat verder werkt, leest u bij sluitplannen.
Bij een oplegslot ligt het anders. Veel oplegsloten hebben een eigen, ingebouwde cilinder die niet met uw voordeur gelijk te maken is. Andere modellen nemen wel een losse cilinder. Wilt u één sleutel, zeg het dan voor we een slot kiezen.
Sleutel of draaiknop aan de binnenkant: denk aan brand
Een bijzetslot dat u binnen alleen met een sleutel opent, is lastig als u 's nachts snel naar buiten moet. Bij brand hebt u maar enkele minuten, en dan wilt u niet zoeken naar een sleutel. Er zijn twee oplossingen.
- Een draaiknop binnen. Buiten een sleutel, binnen een knop. U bent in één beweging buiten. Dit is onze voorkeur, tenzij er glas binnen handbereik van de knop zit.
- Een sleutel binnen, op een vaste plek. Dicht bij de deur, zodat iedereen in huis weet waar hij ligt, maar niet zichtbaar of bereikbaar van buiten, ook niet via de brievenbus.
Voor een KMO of de gemeenschappelijke delen van een appartementsgebouw is het strenger. Een nooddeur moet van binnen altijd zonder sleutel open kunnen. Een bijzetslot met sleutel hoort daar niet op. Twijfelt u of uw deur een nooddeur is, vraag het dan na bij uw brandweerzone of de syndicus.
Een bijzetslot werkt alleen als u het afsluit
Een bijzetslot werkt alleen als u het ook afsluit. Wie het vergeet, heeft een slot voor niets. Is dat bij u een risico, dan is een automatische meerpuntsluiting misschien de betere keuze.
